26.05.2010 - Julia Blackburn

‘They fuck you up, your mum and dad’ is de beroemde beginregel van een gedicht van Philip Larkin. Julia Blackburn kan erover meepraten. Niet omdat ze fucked up zou zijn, maar omdat haar jeugd ‘onder de vleugels’ van een verslaafde vader en een volstrekt egocentrische moeder haar niet in de koude kleren is gaan zitten. Ze schreef er Wij drieën over, een onthutsend boek dat het genre van de misery memoir grandioos overstijgt.

Haar vader was de dichter Thomas Blackburn, depressief en verslaafd aan drank, en aan een barbituraat waar hij gewelddadig van werd. Haar moeder was schilderes Rosalie de Meric, die het idee van moederschap maar moeilijk kon rijmen met het kunstenaar zijn. Ze zag haar dochter vooral als zus, vertrouweling, en later als seksuele rivale. Het huwelijk tussen haar ouders was slecht. Thomas gaat doorlopend met andere dames van bil (een enkele keer ook met een man: Francis Bacon), maar ook Rosalie heeft affaires.

Na de scheiding – Julia is dan 12 jaar – komt haar moeders obsessie met seks tot volle bloei. Ze neemt de ene na de andere huurder in huis die vrijwel allemaal in haar bed belanden. Als Rosalie in een huurder de man van haar leven denkt te hebben gevonden, maar hij ook Julia’s minnaar wordt, is dat het begin van een driehoeksverhouding met een dramatische afloop.

Julia Blackburn is de auteur van Het boek van kleur en De melaatse en zijn metgezellen, romans die beide op de short list van de Orange Prize stonden. Ook schreef ze een aantal non-fictieboeken, onder meer over Francisco Goya en Billie Holiday. Voor Wij drieën won ze de prestigieuze PEN/Ackerley Prize 2009 voor beste literaire autobiografie.